HOME ABOUT THIS SITE CONTACT US
De Islam Veroordeelt het Terrorisme - Harun Yahya
De Islam Veroordeelt het Terrorisme

En Allah roept naar het tehuis van Vrede en leidt wie Hij wil naar het rechte pad
(Koran, 10: 25)



DE HOUDING VAN DE ISLAM TEGENOVER DE
"MENSEN VAN HET BOEK"

Een ander belangrijke thema, dat met de terreuracties tegen de Verenigde Staten aan de dagorde kwam, is de relatie tussen het westen en de islamitische wereld. Zoals bekend hebben enige intellectuelen in de jaren 90' voorspeld dat de wereld een strijd tussen het westen en de Islam te wachten stond. Dit is de fundamentele thema van de welbekende stelling "The Clash of Civilisations" van Edward W.Said. Deze stelling, dat beter bekend staat als "Clash of Ignorance", berust op een denkbeeldige scenario, dat door de overwaardering van de invloed van sommige radicale en onwetende splintergroeperingen binnen deze twee civilisaties geschapen wordt. Eigenlijk kan er geen conflict tussen de westerse beschaving en de islamitische beschaving zijn, omdat het joodse en christelijke geloof, waarop de westerse beschaving is gebaseerd, in volkomen harmonie met de Islam is.

In de Koran worden de joden en christenen "Mensen van het Boek" genoemd. De reden hiervoor is dat de aanhangers van deze twee religies zich aan de van God openbaarde Heilige Schrift houden. De houding van de Islam tegenover de Mensen van het Schrift is uiterst tolerant en medelevend.

De houding tegen de Mensen van het Boek ontwikkelde zich in de geboortejaren van de Islam. In die tijd waren de moslims een minderheid, die streden om hun geloof te beschermen en daarbij allerlei vormen van onderdrukking en martelingen opliepen van de zijde van de heidense Mekkanen. Op grond van deze vervolging besloten sommige moslims uit Mekka te vluchten en toevlucht te zoeken in een veilig land met een rechtvaardige heerser. De Profeet Mohammed (vzmh) zei tegen hen om hun toevlucht bij de christelijke koning van EthiopiŽ te zoeken. De moslims die naar EthiopiŽ vluchtten, kwamen een zeer vriendelijke regering tegen, die hen met liefde en respect verwelkomde. De koning weigerde de eisen van de heidense boodschappers die naar EthiopiŽ reisden, met het verzoek om de moslims uit te leveren, en verklaarde dat de moslims in zijn land vrij konden leven.

De Koran verwijst op deze barmhartige, meedogende, en rechtvaardige houding van de christenen in de volgende vers:

…En gij zult degenen die zeggen: "Wij zijn Christenen" het vriendschappelijkst vinden jegens de gelovigen. Dit is, wijl er onder hen geleerden en monniken zijn en wijl zij niet trots zijn. (Koran 5:82)

Geloofsinhoud en waarden die de Mensen van het Boek en Moslims
gemeenschappelijk hebben

Christenen en moslims hebben vele gemeenschappelijke aspecten. Ook het Jodendom deelt veel grondbeginselen met de Islam. In de Koran verklaart God, dat de moslims hetzelfde geloof delen met de mensen van het Boek en beveelt de moslims:

"Wij geloven in hetgeen ons is geopenbaard en hetgeen u is geopenbaard; en onze God en uw God is Eťn; en aan Hem onderwerpen wij ons." (Koran 29:46)


In de Koran worden de Christenen en Joden omschreven als de "Mensen van het Boek," en er is een gebod om hen te respecteren, grootmoedigheid en vriendelijkheid te laten zien. Zowel de Christenen als de Joden geloven in God en delen dezelfde morele waarden als de Moslims.

Alle ware gelovigen van deze drie grote religies geloven het volgende:

God heeft vanuit niets het hele universum geschapen en dat Hij alles beheerst met Zijn Almacht.

God heeft de mens en alle levende wezens op een miraculeuze wijze geschapen en dat God de mens een ziel gaf.

Geloven in de wederopstanding, hemel, hel en engelen en dat ons leven een bepaalde lot heeft dat God ons heeft gegeven.

Dat God in het verloop van de geschiedenis de profeten zoals Noah, Abraham, Isaac en Jozef en Mozes zond. En allen vereren deze profeten.

In een vers wordt vermeld dat de moslims geen onderscheid tussen de profeten maken, wat de goddelijke boodschap betreft:

Deze boodschapper gelooft in hetgeen hem van zijn Heer is geopenbaard en ook de gelovigen, allen geloven in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken en Zijn boodschappers, zeggende: "Wij maken geen verschil tussen Zijn boodschappers"; en zij zeggen: "Wij hebben gehoord en gehoorzaamd, Heer, wij vragen U vergiffenis en tot U is (onze) terugkeer." (Koran 2: 285)

Het geloof van de mensen van het Boek zijn in harmonie met de moslims, niet alleen in geloofsmatige onderwerpen, maar ook in morele waarden. Tegenwoordig, in een wereld waar immorele waarden zoals bedrog, homoseksualiteit drugsverslaafdheid, egoÔsme en zelfverheerlijking wereldwijd zijn gegroeid, delen de moslims en de mensen van het Boek dezelfde deugden: eer, kuisheid, bescheidenheid, opoffergezindheid, eerlijkheid, barmhartigheid, mededogen en onvoorwaardelijke liefde.

De gemeenschappelijke vijanden van het geloof

Een ander belangrijk onderwerp dat het Christendom, jodendom en de Islam samenbrengt, is de sterke invloed die de atheÔstische filosofieŽn in onze tijd uitoefenen.

Tot de bekendste en schadelijkste filosofieŽn van onze tijd kunnen het materialisme, communisme, fascisme, anarchisme, racisme, nihilisme en existentialisme gerekend worden. Veel mensen die in de valse diagnosen, misleidende beschrijvingen en verklaringen geloofden, die deze ideologieŽn met betrekking tot het universum, de gemeenschap en de mensen aanvoerden, hebben hun geloof verloren of raakten in twijfel. Bovendien hebben deze ideologieŽn mensen, gemeenschappen en naties in grote crisis, conflicten en oorlog gesleurd. Hun aandeel aan de schuld van het lijden en ellende, dat de mensheid tot aan vandaag plaagt, is immens.

Tegenwoordig strijden zowel de moslims als de mensen van het boek tegen immoraliteiten; zoals seksuele perversies, prostitutie en drugsverslaafdheid. Elk van deze drie religies erkennen kuisheid, eerlijkheid en opoffergezindheid als de grootste deugden.

Terwijl ze God en de Schepping ontkennen, zijn alle bovengenoemde ideologieŽn gebaseerd op een noemer, een zogenoemde wetenschappelijke basis; Charles Darwins evolutietheorie. Het Darwinisme vormt de basis van de atheÔstische filosofieŽn. Deze theorie beweert, dat levende wezens zich geŽvolueerd hebben op grond van toeval en middels een strijd van het overleven. Daarom zendt het Darwinisme deze misleidende boodschap aan de mensen:

"Jij bent voor niemand verantwoordelijk, je bent je leven schuldig aan toevalligheden, je moet strijden en het is noodzakelijk anderen te onderdrukken om succesvol te zijn. Deze wereld is een arena van conflict en zelfhandhaving".

De sociale boodschappen die door darwinistische concepten zoals "natuurlijke selectie", "strijd om te overleven", "overleven van de sterkste" enz. meegedeeld worden, zijn middelen van indoctrinatie. Deze slechte moraal adviseert mensen om egoÔstisch, wreed en tiranisch te zijn. Het verwoest deugden zoals genade, mededogen, opoffergezindheid en bescheidenheid, de morele deugden van de drie grote monotheÔstische religies en presenteren dit als een noodzakelijkheid van "de regels van het leven".


Godloze ideologieŽn zoals het fascisme, communisme, racisme en anarchisme hebben verwoesting over de mensheid gebracht en haat in de maatschappij gezaaid.

Deze darwinistische indoctrinatie is het tegenovergestelde van het geloof van de mensen van het Boek en de boodschap van de Koran. Als gevolg hiervan vormt het darwinistische indoctrinatie de oprichting van een wereld die tegengesteld is aan de drie goddelijk openbaarde religies.

Onder deze condities is het nu voor de mensen van het Boek en de moslims noodzakelijk geworden, samen te werken, aangezien zij in God geloven en de moraal accepteren dat Hij leert. De volgelingen van deze drie religies zouden de vergissing van het Darwinisme, dat geen wetenschappelijke basis heeft en de materialistische filosofie staande proberen te houden, aan de wereld moeten tentoonstellen. Ze zouden moeten samenwerken om een intellectuele strijd tegen alle misleidende ideeŽn (communisme, fascisme, racisme) aan te gaan, die het atheÔsme dienen. Als dit eenmaal is gerealiseerd, zal de wereld in een korte tijd vrede, veiligheid en rechtvaardigheid verwelkomen.



Het darwinisme stelt een maatschappij voor, waarin geweld en conflict als middelen van ontwikkeling worden gezien. Maar een studie naar de effecten ervan op de maatschappij laat zien dat de socialistische darwinistische project alleen pijn en vernietiging heeft gebracht.

Het antisemitisme is een vorm van racisme, dat volkomen tegengesteld is aan de Islam

In onze tijd is het antisemitisme een ideologie, dat een gevaar vormt voor de wereldvrede en dat de vernietiging van het welzijn en veiligheid van onschuldige mensen als doel heeft. Dit is een rassenhaat die door sommigen voor joden wordt gevoeld.

In de 20ste eeuw heeft het antisemitisme zijn stempel gedrukt op grote catastrofen. De nazi's die de joden aan grote wreedheden en moorden onderworpen hadden, is zonder twijfel de grootste. Daarbij aanvullend hadden autoritaire regimes in vele landen de joden tot doelwit genomen en hen onderworpen aan wrede mishandelingen. Fascistische organisaties hebben joden mishandelt en bloedige aanslagen tegen hen uitgevoerd.

Hoe zou een moslim het antisemitisme moeten beschouwen?

Het antwoord is duidelijk. Iedere moslim moet het antisemitisme op dezelfde wijze, net zoals elk ander racistische ideologie veroordelen; hij moet zich verzetten aan deze ideologie van haat en de rechten van de joden verdedigen, net zoals hij de rechten van andere mensen zou verdedigen. Iedere moslim moet de rechten van de in IsraŽl, of in verbanning levende joden erkennen en verdedigen, d.w.z. het recht om in vrede te leven, hun religie uit te oefenen, hun identiteit te beschermen en zich ongecensureerd uit te drukken.


De vervolging van Joden in de geschiedenis was fundamenteel het gevolg van racistische vooroordelen, die volkomen tegenstellend staan aan de Islam. Het is rechtvaardig om tegenstand te bieden en kritiek uit te oefenen op de IsraŽlische staatsterrorisme, maar een ware moslim kan de gewelddadige handelingen op onschuldige joodse mensen niet goedkeuren.

Alhoewel de moslims tegenwoordig terecht de wrede en agressieve politiek van IsraŽl, samen met zijn onrechtmatige bezetting van de omringende gebieden veroordelen, is een collectieve veroordeling van alle joden niet acceptabel voor gelovige moslims. Dat zou een duidelijke uitdrukking van antisemitisme zijn. De officiŽle zionistische ideologie te bekritiseren heeft niks met antisemitisme te maken, het zionisme afwijzen is niets anders dan een extreme vorm van racisme afwijzen. Er zijn vele joden (en hun aantal neemt constant toe) die de racistische politiek van het zionisme ook afwijzen en om hen als antisemiet te bestempelen zou absurd zijn.

Om een gemeenschap collectief te veroordelen is een gebod, dat in de Koran uitdrukkelijk wordt vermeld, en daarbij de noodzakelijkheid aantoont om tussen de goede en de slechten, barbaren en onschuldigen onderscheid te maken. Na de verwijzing naar enkele joden en christenen, die in strijd waren met Gods geboden, heeft God het ook over sommige andere joden en christenen die een voorbeeldige moreel hadden:

Zij zijn niet allen gelijk. Onder de mensen van het Boek is een oprechte groep, die het Woord van Allah in de uren van de nacht opzegt en zich met het gelaat ter aarde werpt. Zij geloven in Allah en de laatste Dag en gebieden het goede en verbieden het kwade en wedijveren met elkander in goede werken. Dezen behoren tot de rechtvaardigen. En het goede dat zij doen, zal niet worden ontkend en Allah kent de Godvrezenden. (Koran 3:113-115)

Antisemitisme is een antireligieuze ideologie, dat stamt van het neo-paganisme. Daarom is het ondenkbaar voor een moslim om het antisemitisme te ondersteunen of sympathie te voelen voor deze ideologie. Antisemieten hebben geen respect voor Abraham of David die gezegende profeten zijn, en door God uitgekozen waren om de mensheid als voorbeeld te dienen.

Antisemitisme en andere vormen van racisme (bijvoorbeeld vooroordelen tegen zwarten) hebben geen plaats in ware religie; het zijn perversies die vanuit verschillende ideologieŽn en bijgeloven zijn ontstaan.

Als we antisemitisme en andere vormen van racisme onderzoeken, kunnen we duidelijk zien dat zij ideeŽn en een model van de maatschappij promoten dat volkomen tegenstellend is aan de morele lessen van de Koran, bijvoorbeeld, zo vormen haat, gewelddadigheid en gebrek aan mededogen de basis van het antisemitisme. Een antisemiet kan zo wreed zijn om de moord en marteling op joden (mannen, vrouwen, kinderen en ouderen) goed te keuren. De morele leer van de Koran daarentegen omvat liefde, mededogen en genade voor alle mensen. Het beveelt de moslims ook om zelfs rechtvaardigheid en vergevensgezind voor hun vijanden te zijn.


Moslims willen met de joden en christenen in vrede en tevredenheid samenleven, waarbij men elkaar met tolerantie, vriendschap, respect en mededogen behandelt.

Aan de andere kant zijn antisemieten en andere racisten tegen het vreedzame samenleven van mensen met een ander afkomst of geloof. (Zo waren bv. De Duitse racisten - nazi's - en de joodse racisten - zionisten - tegen het samenleven van Duitsers en joden; elke zijde wees dit in naam van hun ras als ontaarding af). In de Koran daarentegen is er niet de geringste onderscheid tussen rassen; de Koran bemoedigt de aanhangers van verschillende religies daartoe, om in dezelfde gemeenschap in vrede en geluk samen te leven.

Moslims, Joden en Christenen moeten in vriendschap samenleven

In de Koran is er een duidelijk verschil tussen de mensen van het Boek en degenen die niet in God geloven. Dit wordt met name benadrukt op het gebied van het sociale leven. Bijvoorbeeld over degenen die anderen met God associŽren wordt het volgende gezegd: O, gij die gelooft, de afgodendienaren zijn voorzeker onrein. Zij zullen daarom na (verloop van) dit jaar de heilige Moskee niet naderen. (Koran 9:28). Degenen die anderen met God associŽren zijn mensen die geen goddelijke wetten kennen, geen morele richtlijnen hebben en die zonder aarzeling elke vorm van vernederende en perverse handelingen kunnen verrichten.

Maar de mensen van het Boek, die zich principieel aan de openbaringen van God houden, hebben morele principes en weten, wat toegestaan is en niet. Zo is het een moslim toegestaan om met een vrouw van de gemeenschap van de mensen van het Boek te trouwen. God openbaart het volgende hierover:

Alle goede dingen zijn u deze dag geoorloofd. Het voedsel der mensen van het Boek is u geoorloofd en uw voedsel is hun toegestaan. En geoorloofd zijn voor u kuise, gelovige vrouwen en kuise vrouwen uit het midden dergenen, wie het Boek was gegeven vóór u, wanneer gij haar haar huwelijksgift geeft, een geldig huwelijk aangaande en geen ontucht plegende, noch heimelijk minnaressen nemende. En wie het geloof verwerpt, diens werk is waarlijk tevergeefs en hij zal in het Hiernamaals onder de verliezers zijn. (Koran 5:5)

Deze geboden laten zien dat als gevolg van het huwelijk van een moslim met een jodin of christen verwantschaft tot stand gebracht kan worden en dat elke zijde een uitnodiging voor een maaltijd kan aannemen. Dit zijn de fundamenten dat de oprichting van een rechtvaardige menselijke betrekkingen en een gelukkige communale leven zekerstellen. Aangezien de Koran zo'n rechtmatige en tolerante houding beveelt, is het ondenkbaar, dat een moslim een tegengestelde houding nemen kan.


In de tijd van de profeet Mohammed, werd een rechtvaardige en tolerante politiek beoefend met betrekking tot de mensen van het boek.

De rechtvaardige en tolerante handelingen van de Profeet Mohammed (vzmh) met betrekking tot de mensen van het Boek geven goede voorbeelden aan de moslims. In het verdrag dat tussen de Christenen en de Nadjran werd gemaakt, die in het zuiden van ArabiŽ leefden, demonstreert de Profeet Mohammed (vzmh) een van de beste voorbeelden van tolerantie en rechtvaardigheid. Het verdrag bevat het volgende artikel:

Het leven van de mensen van Nadjran en omgeving, hun religie, hun land, bezit en vee, zowel van degenen die aanwezig zijn en degenen die afwezig zijn, hun boodschappers en hun gebedsplaatsen zijn onder bescherming van God en bewaking van Zijn Profeet.20

Door middel van zulke verdragen verzekerde de Profeet (vzmh) voor zowel de moslims als voor de mensen van het Boek een sociale orde, die door vrede en veiligheid was gekenmerkt. Deze orde was een totale realisering van het volgende vers:

Voorzeker, de gelovigen, de Joden, de Christenen en de Sabianen - wie onder hen ook in Allah en de laatste Dag geloven en goede daden verrichten, zullen hun beloning bij hun Heer ontvangen en er zal geen vrees over hen komen, noch zullen zij treuren. (Koran 2:62)

De constitutie van Medina is het belangrijkste verdrag, dat rechtvaardigheid en tolerantie onder christelijke, joodse en heidense gemeenschapen verzekerde.

De constitutie van Medina was 1400 geleden, in het jaar 622, opgemaakt onder het leiderschap van de profeet Mohammed (vzmh), om aan de behoeften van de mensen van verschillende geloven tegemoet te komen en werd als een schriftelijke legale verdrag in praktijk gebracht. Verschillende gemeenschappen van verschillende religies en rassen dat sinds al 120 jaren diepgewortelde vijandschappen tegenover elkaar hebben, werden deelnemers aan dit wettelijke verdrag. Door dit verdrag demonstreerde de profeet Mohammed (vzmh) dat conflicten tussen deze gemeenschappen, die vijanden waren en niet in staat waren om tot een vorm van compromis te komen, beŽindigd kon worden en dat deze gemeenschappen met elkaar konden leven.

Volgens het verdrag van Medina was iedereen vrij, het geloof of de religie van zijn keus te volgen of tot het maken van een politieke of filosofische keuze. Mensen die dezelfde gedachten hadden, konden samenkomen en een gemeenschap vormen. Iedereen was vrij om zijn eigen rechtssysteem uit te oefenen. Maar wie een misdaad pleegde zou door niemand beschermd worden. De deelnemers aan dit verdrag konden met elkaar samenwerken, elkaar ondersteunen, en bleven onder de bescherming van de profeet Mohammed (vzmh). Conflicten tussen de partijen werden naar de gezant van God gebracht.

Dit verdrag was van 622 tot 632 van kracht. Door dit document werden de stamstructuren, die hiervoor op bloed en verwantschap berust was, afgeschaft en mensen van verschillende culturen, etnische en geografische achtergronden kwamen tot elkaar en vormden een sociale eenheid. Het verdrag van Medina verzekerde absolute religieuze vrijheid.

Kloosters, Kerken en Synagogen moeten gerespecteerd worden

Een ander belangrijk feit dat we uit de Koran leren, is dat moslims de joodse en christelijke gebedsplaatsen moeten respecteren. In de Koran, worden de gebedsplaatsen van de mensen van het Boek; kloosters, kerken en synagogen beschreven als gebedsplaatsen die door God worden beschermd.

En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeŽn, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn. Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die Hem helpt - Allah is inderdaad Sterk, Almachtig. (Koran 22:40)

Dit vers laat elke moslim de belangrijkheid zien van de respectering en bescherming van de heilige plaatsen van de mensen van het Boek.


Moskeen, kerken en synagogen zijn speciale gebedsplaatsen waar de naam van God wordt gedenkt. In de Koran zegt God dat al deze heilige plaatsen gerespecteerd en gewaarborgd moeten worden.

De profeet Mohammed (vzmh) maakte ook verdragen met zowel de heidenen als met de mensen van het Boek. Heidenen werden altijd rechtmatig behandeld en wanneer ze vroegen om in bescherming genomen te worden, werd hun verzoek bereidwillig door Mohammed (vzmh) geaccepteerd. Dit betekende dat deze gemeenschappen bescherming zochten van de profeet van God ingeval van een aanval of beschuldiging. Gedurende zijn leven vroegen vele niet-moslims en heidenen bescherming van de profeet Mohammed (vzmh), en hij nam hen in bescherming en verzekerde hun veiligheid. In een vers adviseert God de gelovigen om bescherming aan te bieden aan heidenen indien ze om bescherming vragen:

En als ťťn der afgodendienaren u om bescherming vraagt, schenk hem dan bescherming dat hij het woord van Allah moge horen; voer hem dan naar de plaats, waar hij veilig is. (Koran 9:6)

Joden en christenen, zijn op grond van hun gemeenschappelijke kenmerken die ze met moslims delen veel meer dichtbij elkaar dan degenen die niet in God geloven. Elke religie heeft zijn eigen heilige boek, d.w.z. ze verlaten zich op een goddelijke openbaring. Ze weten wat goed en slecht is, wat rechtmatig en onrechtmatig is volgens hun schriften, en allen vereren de profeten en boodschappers die Gods woord verkondigden. Ze geloven allemaal in een hiernamaals, waarin ze tegenover God voor al hun daden verantwoordelijkheid moeten geven.

De oproep om tot een gemeenschappelijk noemer te komen

God geeft in de Koran het volgende bevel over de mensen van het Boek; hij verzoekt hen om "samen" te komen:

Zeg: "O, mensen van het Boek, komt tot ťťn woord, waarin wij met elkander overeenstemmen: dat wij niemand dan Allah aanbidden en dat wij niets met Hem vereenzelvigen en dat sommigen onzer geen anderen tot goden nemen, buiten Allah." Maar, als zij zich afwenden, zegt dan: "Getuigt, dat wij Moslims zijn." (Koran 3:64)

Dit is onze oproep aan christenen en joden: Als mensen, die in God geloven en zijn openbaringen volgen, laat ons tot een gemeenschappelijk platform komen - "geloof". Laten we God liefhebben, Die onze Schepper en Heer is, en zijn bevelen opvolgen. En laten we bidden tot God die ons leiden zal tot een rechtvaardiger pad.

Wanneer moslims, christenen en joden op deze wijze een gemeenschappelijk front vormen, wanneer ze begrijpen dat ze vrienden zijn en geen vijanden, wanneer ze zien dat de echte vijand de afwijzing van God is, dan zal de wereld een heel ander plek worden. De oorlogen in vele delen van de wereld, vijandschappen, angst en terreuraanslagen zullen tot een eind komen, en een nieuwe civilisatie, dat gebaseerd is op liefde, respect en vrede zal gevestigd worden op dit gemeenschappelijke platform.


Het kwaad in de wereld zal tot een einde komen wanneer moslims, christenen en joden God gezamenlijk vereren, en de verschillen in de geloven tolereren.

Er zijn belangrijke feiten die de moslims in aanmerking moeten nemen. Wat God ons in de Koran leert over verschillende naties en geloven is duidelijk:

de moraal van de Koran sluit elke vorm racisme uit.

In de Koran wordt een tolerante en vriendschappelijke houding tegenover de aanhangers van andere religies bevolen, zolang ze de Islam of de moslims niet vijandig gezind zijn.

Alle gelovigen moeten voor elkaar bidden en zich verenigen.

Het is duidelijk dat de joden vele fouten hebben begaan, waarop de Koran wijst, bekritiseerd en erover waarschuwt. De misdaden tegen de mensheid die hedendaags door IsraŽl worden uitgevoerd zijn pijnlijk en bekend, maar dit moet voor de moslims niet de oorzaak zijn om alle joden vijandelijk gezind te zijn. De Koran verkondigt dat het niet juist is om mensen te veroordelen, omdat ze tot een bepaalde ras, natie of religie horen. In elke gemeenschap zijn er zowel goede als slechte mensen. De Koran wijst naar deze onderscheid. In een vers is er bijvoorbeeld een verwijzing naar een uitzondering, nadat sommige mensen van het Boek, die rebellerend waren tegen God en Zijn religie:

Zij zijn niet allen gelijk. Onder de mensen van het Boek is een oprechte groep, die het Woord van Allah in de uren van de nacht opzegt en zich met het gelaat ter aarde werpt. Zij geloven in Allah en de laatste Dag en gebieden het goede en verbieden het kwade en wedijveren met elkander in goede werken. Dezen behoren tot de rechtvaardigen. En het goede dat zij doen, zal niet worden ontkend en Allah kent de Godvrezenden. (Koran 3:113:115)


Bush' bezoek aan de Islamitische Centrum in Washington


President Bush bidt naast een islamitische imam tijdens een gebedsdienst in de Washington National Kathedraal


Muzammil Siddiqui, de president van de Islamic Society of North America, draagt de vers uit de Koran voor in de Washington National Kathedraal na de aanslagen op 11 september.
Na de aanslagen van 11 september beden mensen van elke taal en religie tot God in empathie en solidariteit met de slachtoffers.

In een andere vers beveelt God:

En voorzeker Wij wekten onder elk volk een boodschapper op, "Aanbidt Allah en vermijdt de boze." Toen waren er sommigen onder hen die Allah leidde en er waren sommigen die bleven dwalen. Reist daarom op aarde rond en ziet wat het einde was der loochenaars. (Koran 16:36)

God openbaarde aan alle boodschappers dat Hij Uniek (Eťn) is en dat er niemand of niets buiten Hem is, dat de mensen Hem moeten aanbidden, dienen en gehoorzamen. Sinds de schepping heeft God de goddelijke boodschap aan de mensen overgedragen door zijn gezanten. Sommige gemeenschappen hebben de boodschap geaccepteerd en volgen het juiste pad terwijl anderen het afwijzen en zijn afgedwaald. Dit geldt tot aan vandaag. Sommige mensen zijn voorstander van wat goed en rechtvaardig is, terwijl anderen de zijde van het onrecht en verderven hebben gekozen. Dit is de wet van God. Degenen die geloven moeten die dingen ook op zo'n perspectief beschouwen en nooit vergeten dat er tussen de aanhangers van alle religies zowel juiste, godvrezende mensen zijn, als mensen die volkomen van het religieuze en morele leer volkomen vervreemd zijn.


EU commissionair Romano Prodi houdt een rede in de Islamitische Centrum van Brussel.

Onze hoop is dat er een wereld gevestigd zal worden, waarin mensen in staat zullen zijn om in vrede met elkaar te leven ongeacht hun ras of religie. Elke racistische perversie zal hierin verworpen worden, ieders rechten beschermt worden en iedereen gerespecteerd worden. De strijd, dat gezamenlijk (alle religiŽn) op intellectueel terrein tegen alle antireligieuze ideologieŽn zal moeten plaatsvinden, zal er hopelijk toe bijdragen om de verlangde vrede en rust te vestigen. God openbaart het volgende hierover:

De ongelovigen zijn vrienden van elkander. Als gij niet ingrijpt zal er onheil en grote wanorde in het land komen. (Koran 8:73)

Waarom waren er onder de geslachten die vóór u waren dan geen verstandige mensen, die het verderf op aarde konden verhinderen op enkelen na, die Wij uit hun midden redden? Maar de onrechtvaardigen volgden datgene waarin hun overvloed werd verleend en zij waren schuldig. (Koran 11:116)


Wie een goede daad doet, zal een betere beloning hebbenÖ
(Koran 27:89)

 
   
    

20. The Pact of Najran, Article 6, http://www.islamic resources.com/Pact_of_Najran.htm.