Het bestaan van God - Harun Yahya
Het Bestaan Van God



Van niets tot iets

De vragen over hoe het universum ontstaan is, waar het naar toe gaat en hoe de wetten, de orde en het evenwicht zich handhaven, zijn altijd al onderwerpen van interesse geweest. Wetenschappers en denkers zijn met dit onderwerp oneindig lang bezig geweest en zij hebben enkele theorieŽn ontwikkeld.

Het gangbare idee, tot het begin van de 20ste eeuw, was dat het universum oneindig dimensionaal was, dat het altijd al bestaan heeft en dat het voor altijd zal bestaan. Volgens deze visie, 'static universe model' genaamd, heeft het universum noch een begin, noch een einde.

Deze kijk op het universum legt de grondslag voor de materialistische filosofie en zo ontkennen zij het bestaan van een Schepper, terwijl het beweert dat het universum een constante, stabiele en een niet veranderende verzameling van materie is.

Materialisme is een systeem met een denkwijze die materie ziet als een absoluut iets en het ontkent het bestaan van al het andere. De wortels van dit systeem liggen in het Oude Griekenland en de steeds toenemende acceptatie begon in de19de eeuw. Deze denkwijze werd bekend in de vorm van het spitsvondige materialisme van Karl Marx.

Zoals we al eerder verklaarden, bereidde de 'static universe model' van de 19de eeuw de grondslag voor van de materialistische filosofie. In zijn boek 'Principes Fondamentaux de Philosophie', verklaarde George Politzer betreffende de basis van dit universummodel, dat "het universum een niet gecreŽerd iets is" en hij voegde er aan toe: "Als het dat was, dan zou het onmiddellijk gecreŽerd zijn door God en tot bestaan zijn gebracht uit niets. Om de Schepping te bekennen en te aanvaarden, zal diegene ook moeten bekennen, op de eerste plaats, het bestaan van een moment dat het universum niet bestond en dat iets ontstaan is uit niets. Dit is een stelling die de wetenschap niet kan aanvaarden." 4

Toen Politzer beweerde dat het universum niet gecreŽerd is uit het niets, vertrouwde hij op het 'static universe model' uit de 19de eeuw en hij dacht dat hij een wetenschappelijke bewering vaststelde. Hoe dan ook, de ontwikkelde wetenschap en technologie in de 20ste eeuw wierpen de primitieve ideeŽn omver, zo ook het "static universe model" dat de grondslag was voor de materialisten. Vandaag de dag, in het begin van de 21ste eeuw, hebben moderne natuurkundigen bewezen, met vele experimenten, observatie en berekeningen, dat het universum een begin had en dat het gecreŽerd is uit niets met een grote explosie.

Dat het universum een begin heeft, betekent dat het heelal gemaakt is tot iets, vanuit niets. Dit betekent dat het universum is gecreŽerd. Als een gecreŽerd ding bestaat (wat eerst nog niet bestond), dan heeft het zeker een Schepper. Iets uit niets is een idee dat onvoorstelbaar is voor het menselijk verstand. (De mens kan zich dit niet voorstellen omdat hij het niet ervaren heeft.) Daarom, iets uit niets is heel anders dan het samen brengen van voorwerpen om een nieuw voorwerp te vormen (zoals kunstwerken of technologische uitvinden). Het is een Teken van de Schepping van Allah, dat alles in ťťn moment zo perfect is gevormd, terwijl de gecreŽerde dingen geen voorgaande voorbeelden hadden en dat er niet eens tijd en ruimte was om ze te scheppen.

"Allah is Degene Die de hemelen en de aarde en wat tussen hen is heeft geschapen, in zes dagen (perioden), en Hij zetelde Zich op de Troon. Er is voor jullie buiten Allah geen beschermer en geen voorspreker. Laten jullie je dan niet vermanen?" 5

Het ontstaan van het universum vanuit het niets, is het grootst mogelijke bewijs dat het is gecreŽerd. Nu dat deze feiten bekend zijn, veranderen vele zaken. Het helpt mensen het doel en de zin van het leven te begrijpen en men krijgt zicht op hun standpunt en de reden van alles. Daarom probeerden vele wetenschappelijke samenlevingen het feit van de Schepping te negeren, welke zij niet volledig konden bevatten. Zelfs niet terwijl het bewijs heel duidelijk was voor hen. Het feit dat alle wetenschappelijke bewijzen het bestaan van een Schepper laten zien, heeft hen genoodzaakt om alternatieven te verzinnen om de mensen te verwarren. Niettemin, het bewijs van de wetenschap zelf, heeft een definitief einde gemaakt aan deze theorieŽn.

De Big Bang


Edwin Hubble

In 1929, in het 'California Mount Wilson Observatory', ontdekte een Amerikaanse sterrenkundige met de naam Edwin Hubble, ťťn van de grootste ontdekkingen in de geschiedenis van de astronomie. Terwijl hij de sterren observeerde met een gigantische telescoop, ontdekte hij dat het licht van deze sterren verschoof naar het rode gedeelte van het spectrum en dat deze verschuiving groter was, naarmate de ster verder van de aarde verwijderd was. Deze ontdekking had een schrikbarend effect op de wetenschappelijke wereld, omdat volgens de algemeen geaccepteerde regels van de natuurkunde, het spectrum van lichtstralen reizend naar het punt van observatie, naar violet neigde, terwijl het spectrum van lichtstralen die van het observatiepunt af bewogen, naar rood neigde. Tijdens Hubble's observaties, ontdekte hij dat het licht van de sterren naar rood neigden. Dit betekent dat de sterren verder van ons af bewegen.

Spoedig daarna ontdekte Hubble nog een heel belangrijk iets: sterren en melkwegen bewegen niet alleen van ons vandaan, maar ook van elkaar. De enige conclusie die men kan trekken van een universum waarin alles van elkaar vandaan beweegt, is dat het universum constant expandeert, het universum zet uit.

"(Gedenk) de Dag waarop Wij de hemelen oprollen, zoals het oprollen van het perkament om op te schrijven: net zoals Wij de eerste schepping begonnen zullen Wij haar herhalen, als een belofte die Wij op Ons namen. Voorwaar, Wij zullen het doen." 6

Om dit beter te begrijpen, kan men het universum voorstellen als het oppervlak van een ballon die opgeblazen wordt. Net zo als de punten van het ballonoppervlak van elkaar bewegen wanneer je de ballon opblaast, zo ook bewegen de objecten in de ruimte van elkaar af, als de ruimte blijft uitzetten.

Eigenlijk was dit al, een korte periode voor Hubble, theoretisch ontdekt door Albert Einstein, die wordt beschouwd als de grootste wetenschapper van de eeuw. Einstein concludeerde na berekeningen die hij maakte in theoretische natuurkunde, dat het universum niet stabiel kon zijn. Hij legde deze theorie aan de kant, om niet in conflict te komen met de rest van de wetenschappelijke wereld, die het 'static universe model' in die tijd in het algemeen accepteerden. Later zou Einstein toegeven dat deze beslissing, om de theorie voor zichzelf te houden, de grootste fout in zijn carriŤre was. Vervolgens werd de theorie van Einstein bewezen door Hubble's waarnemingen en het werd een feit dat het universum expandeert.

Wat is nu belangrijk aan het feit dat het heelal uitzet, voor het bestaan van het heelal? Het uitzetten van het universum impliceert, dat als het terug in de tijd kon reizen, dat het universum zou bewijzen dat het van origine ontstaan is uit ťťn enkel punt. De berekeningen laten zien dat dit 'enkele punt', dat alle materie van het universum omvatte, een volume van nul had en een oneindige dichtheid.

Het heelal kreeg zijn bestaan door een explosie van dit punt met nul volume. Deze grote explosie die het begin van het heelal markeert, kreeg de naam 'Big Bang' (de oerknal) en de theorie werd zo genoemd.

Het moet vermeld worden, dat een 'nul volume' een theoretische uitdrukking is. Wetenschap kan het begrip 'niets', dat buiten het bevattingsvermogen van de mens ligt, definiŽren, maar alleen door het uit te drukken als 'een punt met nul volume'. In oprechtheid, 'een punt zonder volume' betekent 'niets'. Het universum is 'iets' geworden uit 'niets'. Met andere woorden, het is geschapen.

De Big Bang-theorie laat ons zien dat in het begin alle objecten in het heelal, ťťn deel waren en toen zijn gescheiden. Dit feit, welke is onthuld door de Big Bang-theorie, was al verklaard in de Qor-aan, 14 eeuwen geleden, toen mensen een heel beperkte kennis hadden over het universum: Weten degene die ongelovig zijn niet dat de hemelen en de aarde als een gemengde massa waren en dat Wij hen beide daarop splitsten en dat Wij alle levende dingen uit het water maakten? Geloven zij niet?" 7

Zoals wordt verklaard in dit vers, is alles, zelfs de 'hemelen en de aarde' die nog niet geschapen waren, geschapen met de Big Bang, met de oerknal, vanuit dat ene punt, en gevormd tot het huidige universum, door scheiding van elkaar.

Als we de verklaring van dit vers uit de Qor-aan vergelijken met de Big Bang-theorie, dan zien we dat zij volledig overeenkomen met elkaar. Hoe dan ook, de Big Bang werd pas geÔntroduceerd als een wetenschappelijke theorie in de 20ste eeuw.

De expansie (uitzetting) van het heelal is ťťn van de meest belangrijke bewijzen dat het heelal is geschapen uit niets. Ofschoon dit feit pas ontdekt werd door de wetenschap in de 20ste eeuw, heeft Allah (Glorieus en Verheven is Hij) ons al geÔnformeerd over deze realiteit in de Qor-aan, die 1400 jaar geleden aan de mensheid werd geopenbaard:

"En Wij hebben de hemel met een grote macht gebouwd. En voorwaar, Wij zijn zeker Machtigen." 8

Het zoeken naar alternatieven voor de Big Bang theorie

Het is duidelijk dat de Big Bang-theorie bewijst, dat het universum is 'gecreŽerd uit niets', met andere woorden, dat het is geschapen door God. Om deze reden bleven astronomen die overtuigd waren van de materialistische filosofie, zich verzetten tegen de Big Bang-theorie, om zo hun eigen gedachtegang overeind te houden. De reden van deze moeite werd verklaard in de volgende woorden van A.S. Eddington, een van de opmerkelijkste materialistische natuurkundige: "Filosofisch gezien, is het idee van een abrupt begin van alles, tot aan het huidige evenwicht van de natuur, weerzinwekkend voor mij." 9

Sir Fred Hoyle was ťťn van diegenen die werd gestoord door de Big Bang-theorie. In het midden van de 20ste eeuw verdedigde Hoyle een theorie, 'steady-state' genaamd. Deze theorie was gelijk aan het 'constant universe model', dat ontstond aan het eind van de 19de eeuw. De 'steady-state'-theorie beweerde dat het heelal zowel oneindig groot is en voor eeuwig in bestaan. Met het enige zichtbare doel, dat van het steunen van de materialistische filosofie, was deze theorie totaal verschillend met de Big Bang-theorie, welke de bewering bevat dat het heelal een begin had. Degene die de steady-state-theorie verdedigden, waren voor lange tijd tegen de Big Bang. De wetenschap werkte hen tegen.

Sommige wetenschappers zochten voor manieren om alternatieven te ontwikkelen. In 1948 kwam George Gamov met een ander idee betreffende de Big Bang. Hij verklaarde dat nadat de vorming van het heelal door een grote explosie, een soort van stralingsoverschot moest zijn ontstaan in het universum, als overblijfsel van deze explosie. Bovendien zou deze straling gelijkmatig verspreid moeten zijn door het heelal. Dit bewijs dat 'moest bestaan' werd snel gevonden.

More Evidence: Cosmic Background Radiation

In 1965 ontdekten twee onderzoekers, Arno Penzias en Robert Wilson, deze golven per "toeval". Deze straling, 'cosmic background radiation' genaamd, bleek niet van een bepaalde bron te komen, maar meer de hele ruimte te doordringen. Dus was het duidelijk dat de hittegolven die gelijkmatig door de gehele ruimte straalden, overblijfselen waren van de beginfases van de oerknal. Penzias en Wilson werden onderscheiden met een Nobelprijs voor hun ontdekking.

In 1989 zond de NASA de Cosmic Background Explorer (COBE) satelliet de ruimte in, voor onderzoek naar deze straling. Het duurde slechts 8 minuten voordat de gevoelige scanners van deze satelliet, de metingen van Penzias en Wilson bevestigde. De COBE vond de overblijfselen van de grote explosie die plaats vond in het begin van het universum.

Gedefinieerd als de grootste astronomische ontdekking aller tijden, bewezen deze bevindingen duidelijk de Big Bang-theorie. De bevindingen van de COBE 2 satelliet, welke in de ruimte werd gebracht na de COBE satelliet, bevestigde ook de berekeningen, gebaseerd op de Big Bang.

Een ander belangrijk bewijs voor de Big Bang is de hoeveelheid waterstof en helium in de ruimte. Volgens de laatste berekeningen begreep men dat de waterstof-heliumconcentratie in het heelal op dit moment, in verhouding staat met de theoretische berekeningen van de waterstof-heliumconcentratie, overgebleven direct na de Big Bang. Als het universum geen begin zou hebben en als het universum altijd al bestaan zou hebben, zou het bestanddeel waterstof al compleet zijn opgebruikt en omgezet zijn in helium.

Al deze fascinerende bewijzen zijn de reden dat de Big Bang-theorie is aanvaard door de wetenschappelijke gemeenschap. Het Big Bang model was het laatste model dat door de wetenschap is bereikt, betreffende de vorming en het begin van het heelal.




De 'steady-state'-theorie verdedigend, aan de zijde van Fred Hoyle, omschreef Dennis Sciama de laatste positie die men had bereikt, nadat al het bewijs voor de Big Bang bekend was. Sciama verklaarde dat hij deelgenomen had in een verhitte discussie tussen verdedigers van de 'steady-state'-theorie en diegene die deze theorie testten in de hoop het te weerleggen. Hij voegde er aan toe dat hij de 'steady-state'-theorie verdedigde, niet omdat hij het als waarheid achtte, maar omdat hij wilde dat het de waarheid was. Fred Hoyle was tegen alle bezwaren die zich als bewijs tegen deze theorie begonnen te ontpoppen. Sciama vervolgde zijn toespraak met het toegeven dat hij in eerste instantie achter Hoyle stond, maar toen de bewijzen zich opstapelden, moest hij toegeven dat het spelletje van de 'steady-state'-theorie over was en dat de theorie moest worden verworpen. 10

Prof. George Abel van de Universiteit van California, verklaarde ook dat recentelijk beschikbaar bewijs laat zien dat het heelal zo'n biljoen jaar geleden ontstaan is door de Big-Bang. Hij geeft toe dat hij geen andere keus heeft dan de Big Bang theorie te accepteren.

Met de overwinning van de Big Bang, werd het concept van 'eeuwige materie', dat de basis vormt van de materialistische filosofie, op de afvalhoop van de geschiedenis gegooid. Wat was er dan voor de oerknal en wat was die kracht die het heelal tot 'iets' bracht met deze grote explosie toen er nog 'niets' bestond? Deze vraag duidt zeker (in de woorden van Arthur Eddington; het 'filosofisch ongunstige' feit voor de materialisten) op het bestaan van de Schepper. De beroemde atheÔstische filosoof Antony Flew, geeft het volgende commentaar over deze kwestie: "In het algemeen is toegeven goed voor de ziel. Ik wil daarom beginnen met toegeven dat de atheÔst beschaamd moet zijn door de hedendaagse kosmologische overeenstemming over de huidige informatie. Het lijkt erop dat de heelaldeskundigen wetenschappelijke bewijzen leveren voor waarvan St. Thomas beweerde dat het niet filosofisch te bewijzen zou zijn; namelijk dat het universum een begin heeft. Zo lang als het heelal eenvoudig wordt gezien als een voorwerp, niet alleen zonder eind maar ook zonder begin, dan rest heel gemakkelijk zijn redenloos bestaan te bepleiten en om het even wat, wordt gevonden als zijnde het meest fundamentele hoofdkenmerk. Dit zou dan geaccepteerd worden als de ultieme verklaring. Ofschoon ik geloof dat dit nog steeds correct is, is het zeker niet gemakkelijk, noch comfortabel om in deze positie te blijven in het licht van de Big Bang-theorie." 11

Vele wetenschappers die zich niet blindelings betitelen als atheÔsten, hebben toegegeven aan een rol van een Almachtige Schepper in de Schepping van het universum. Deze Schepper moet een "wezen" zijn, Die zowel materie als tijd geschapen heeft, maar Zelf onafhankelijk is van beide. De bekende astronoom Hugh Ross heeft dit te zeggen: "Als het begin van tijd gelijktijdig is aan het begin van het heelal, zoals de ruimtetheorie zegt, dan moet de 'reden' van het heelal een soort van 'bestaan' zijn, opererend in een tijddimensie die compleet onafhankelijk is en moest het al bestaan voordat de tijddimensie van het heelal bestond. Deze conclusie is ontzettend belangrijk om te begrijpen wie God is en wat God is en wat God niet is. Het zegt ons dat God niet het heelal is, noch dat God aanwezig is in het universum." 12

Materie en tijd zijn geschapen door de Almachtige Schepper, Die onafhankelijk is van deze begrippen. Deze Schepper is Allah, de Heer van de hemelen en de aarde.

Subtiel evenwicht in de ruimte

Werkelijk, de Big Bang heeft meer problemen veroorzaakt voor de materialisten dan bovengenoemde bekentenissen van de atheÔstische filosoof Antony Flew. De Big Bang bewijst niet alleen dat het heelal ontstaan is uit niets, maar ook dat het geschapen is op een heel goede, georganiseerde, systematische en gecontroleerde manier.

De Big Bang vond plaats met een explosie van een 'punt' dat alle materie en energie van het hele universum bevatte en de verspreiding in de ruimte naar alle richtingen met een verschrikkelijke snelheid. Uit deze materie en energie, is een groot evenwicht gekomen dat melkwegen, sterren, de zon, de aarde en alle andere hemellichamen bevat. Bovendien werden er wetten gevormd, wetten van de natuurkunde, welke dezelfde zijn waar ook in het universum en deze wetten veranderen niet. Al deze zaken geven een perfecte orde aan, ontstaan na de Big Bang.

Explosies brengen hoe dan ook, geen orde. Alle waarneembare explosies richten schade aan, ze breken af, ze vernietigen wat aanwezig is. Bijvoorbeeld de explosies van de atoombom en de waterstofbom, mijngassen, vulkanische explosies, natuurgas explosies, zonexplosies: zij hebben allemaal vernietigende effecten.

Als er aan ons een explosie geÔntroduceerd zou worden, die een gedetailleerde orde als resultaat zou hebben - bijvoorbeeld, als een explosie onder de grond een perfect kunststuk zou vormen, of een gigantisch paleis, of imposante huizen - dan zouden we concluderen dat er een 'bovennatuurlijke' ontdekking achter deze explosie moet zitten en dat al deze stukjes die verspreid zijn door de explosie zo gemaakt zijn dat zij op een zeer gecontroleerde manier bewegen.

Het citaat van Sir Fred Hoyle, die zijn fout accepteerde na jaren van tegenstand tegen de Big Bang theorie, laat deze situatie heel goed zien: "De Big Bang-theorie bevat het feit dat het heelal begon met een enkele explosie. Maar, zoals we hierboven kunnen zien, vernietigt een explosie alleen maar materie, terwijl de oerknal op een mysterieuze manier het tegenovergestelde effect tot gevolg had; het samengaan van materie in de vorm van melkwegstelsels." 13

Terwijl hij verklaarde dat de vorming van orde door de Big Bang tegenstrijdig is, interpreteerde hij zeker de Big Bang met een materialistische bevooroordeelde kijk en nam aan dat het een 'ongecontroleerde explosie' was. Hoe dan ook, hij was het die in werkelijkheid tegenstrijdig werd, door het maken van zo'n verklaring, door zo simpel het bestaan van een Schepper af te wijzen. Als er een grote orde zou ontstaan met een explosie, dan zou men van het concept van een 'ongecontroleerde explosie' moeten afzien en zou men moeten accepteren dat de explosie buitengewoon gecontroleerd was.

Een ander aspect van deze zeer bijzondere orde die in het heelal gevormd is door de Big Bang, is de schepping van het 'bewoonbare universum'. Er zijn ontzettend veel condities voor de vorming van een bewoonbare planeet en ze zijn zo complex, dat het onmogelijk is te denken dat dit gevormd is per toeval.

Paul Davies, een beroemd professor in theoretische natuurkunde, berekende hoe 'fijn-afgestemd' de uitzetting na de Big Bang was en hij kwam tot een geweldige ontdekking. Volgens Davies: "Als de snelheid van de uitzetting na de Big Bang anders zou zijn geweest, zelfs in de verhouding van ťťn op de biljoen x biljoen, dan zou er geen bewoonbaar hemellichaam gevormd zijn geweest.

Zorgvuldige metingen plaatsen de snelheid van de expansie heel dicht bij een kritische waarde, welke het heelal laat ontsnappen aan zijn eigen zwaartekracht en voor altijd expandeert. Een beetje langzamer en het heelal zou ineenstorten, een beetje sneller en het kosmisch materiaal zou al lang geleden compleet zijn verspreid. Het is interessant om precies te kijken naar hoe subtiel de snelheid van de uitzetting is geregeld, waardoor het precies op de lijn valt tussen twee catastrofes; een beetje langzamer zou een ramp betekenen en ook een beetje sneller zou de ondergang van het heelal tot gevolg hebben. Wanneer in de tijd I S (de tijd dat het patroon van de uitzetting al stabiel vastgesteld was) de uitzettingssnelheid een verschil met de werkelijke snelheid had van meer dan 10-18, dan zou dat voldoende zijn geweest om het subtiele evenwicht te verstoren. De explosieve kracht van het heelal klopt precies met een ongelooflijke nauwkeurigheid ten opzichte van zijn eigen aantrekkingskracht. De Big Bang was niet, klaarblijkelijk, zomaar een oude explosie, maar een explosie met een voortreffelijk geregelde omvang. 14

De natuurkundige wetten die begonnen te gelden na de Big Bang, veranderden totaal niet. Zelfs niet na 15 biljoen jaar. Bovendien kloppen deze wetten volgens berekeningen zo helder, dat zelfs een millimeter verschil van hun huidige waarden, kan resulteren in de vernietiging van de hele structuur en opbouw van het heelal.

De bekende natuurkundige Prof. Stephen Hawking, verklaart in zijn boek 'A Brief History of Time', dat het heelal is bepaald volgens berekeningen en evenwicht, zo subtiel afgesteld, dat wij ons dat nauwelijks kunnen voorstellen. Hawking verklaarde met betrekking tot de uitzetting van het heelal: "Waarom begon het 'groeien' van het heelal zo dicht tegen de kritische snelheid van uitzetting, die een scheiding maakt van modellen die ineenstorten en modellen die voor altijd blijven expanderen, zo, dat zelfs nu nog, tien duizend miljoen jaar later, het nog steeds expandeert, dicht op diezelfde kritische snelheid? Als de snelheid van expansie, ťťn seconde na de Big Bang, een verschil had gehad, zelfs een fractie van honderd duizend miljoen, dan zou het heelal zijn ineengestort, zelfs voor dat het zijn huidige grootte bereikt zou hebben." 15

Paul Davies legt ook het onvermijdelijke resultaat uit, voortkomend uit dit ongelooflijk precieze evenwicht en bedachtzaamheid: "Het is moeilijk je te verzetten tegen de indruk van de huidige structuur van het heelal, dat heel duidelijk heel gevoelig is voor kleine veranderingen in de cijfers, dat het eerder doordacht moet zijnÖ De klaarblijkelijk wonderbaarlijke overeenstemming van de getalswaarde die de natuur heeft bepaald voor haar fundamentele onveranderlijkheid, moet het meest fascinerend bewijs bevatten voor het hoofdbestanddeel van kosmisch ontwerp." 16

In relatie met hetzelfde onderwerp schreef een Amerikaanse professor in astronomie, George Greenstein, in zijn boek "The Symbiotic Universe": "Als we alle bewijzen onderzoeken, komt drangmatig de gedachte in de mens op, dat een bovennatuurlijke kracht - of, beter gezegd Kracht - betrokken moet zijn." 17

Het evenwicht

De schepping van materie

Het atoom, de bouwsteen van alle materie, kreeg zijn bestaan na de Big Bang. Deze atomen kwamen toen samen om zo het universum te vormen met sterren, de aarde en de zon. Daarna bewerkstelligden dezelfde atomen leven op aarde. Alles wat u om u heen ziet: uw lichaam, de stoel waar u op zit, het boek dat u in uw handen heeft, de lucht die u ziet door het raam, de grond, het beton, het fruit, de planten, alle levende wezens en alles wat u zich maar kunt voorstellen is tot bestaan gekomen door een verzameling van atomen.

Wat is dan het atoom, de bouwsteen van alles, waarvan is het gemaakt en welke structuur heeft het?

Als we de structuur van atomen onderzoeken, dan zien we dat ze allemaal een opmerkelijk ontwerp en orde hebben. Elk atoom heeft een kern waarin zich een bepaald aantal protonen en neutronen zich bevinden. Daar komt nog bij dat er elektronen zijn die rond de kern bewegen in een constante baan met een snelheid van 1000 kms per seconde. 18 De elektronen en protonen van een atoom zijn gelijk in aantal, omdat positief geladen protonen en negatief geladen elektronen elkaar altijd in balans houden. Als een van deze aantallen anders zou zijn, dan zou er geen atoom zijn, aangezien zijn elektromagnetisch evenwicht dan verstoord zou zijn. De atomen zijn opgebouwd uit een relatief zware atoomkern, bestaande uit positief geladen protonen en ongeladen neutronen, waaromheen zich een wolk van elektronen (negatief geladen elementaire deeltjes) bevindt. De atoomkern wordt bijeen gehouden door de sterke kernkracht; de elektronen worden in hun baan gehouden door de elektromagnetische kracht. De kern van een atoom, de protonen en neutronen, en de elektronen eromheen, zijn altijd in beweging. Deze wentelen onfeilbaar zowel om zichzelf, als om elkaar in bepaalde snelheden. Deze snelheden zijn altijd verhoudingsgewijs tot elkaar en ze bepalen het bestaan van het atoom. Geen wanorde, ongelijkheid of verandering komt er voor. Alle materie is opgebouwd uit deze bouwstenen.

Het is zeer opmerkelijk dat zo'n hoog ontwikkelde orde en vastgestelde eenheid tot bestaan zijn gekomen na een grote explosie die plaatsvond in het onbestaande. Als de Big Bang een ongecontroleerde en toevallige explosie zou zijn geweest, dan zou het, hoe dan ook, gevolgd moeten zijn door willekeurige gebeurtenissen en alles dat vervolgens gevormd werd, zou hoe dan ook, verspreid worden in een grote chaos.

In feite, een vlekkeloze orde heeft de overhand gekregen op elk punt, sinds het begin van het bestaan. Bijvoorbeeld; ofschoon atomen zijn gevormd op verschillende plaatsen en tijden, zijn ze zo georganiseerd, dat het lijkt alsof ze zijn geproduceerd in ťťn enkele fabriek met een bewustzijn van elk soort. Ten eerste vinden elektronen uit zichzelf een kern en beginnen eromheen te draaien. Daarna komen atomen samen om materie te vormen en dit alles brengt zinvolle, redelijke voorwerpen met een doel voort. Onduidelijke, nutteloze, abnormale en doelloze dingen komen niet voor. Alles, van de kleinste eenheid tot het grootste element, alles is zo georganiseerd en heeft veelvuldige doelen.

Dit alles zijn zuivere bewijzen voor het bestaan van de Schepper, Die verheven is in kracht, en wijst op het feit dat alles tot bestaan komt hoe Hij het wil en wanneer Hij het wil. In de Qor-aan verwijst Allah (Glorieus en Verheven is Hij) naar Zijn Schepping aldus: "Hij is Degene Die de hemelen en de aarde schiep met de Waarheid. En op de dag waarop Hij zegt 'Wees', en het is: Zijn woord is de WaarheidÖ" 19

Na de Big Bang

Roger Penrose, een natuurkundige die uitgebreid onderzoek heeft verricht naar het ontstaan van het heelal, heeft het feit verklaard dat het heelal in zijn hoedanigheid niet louter berust op toevalligheden, maar dat het laat zien dat het absoluut een doel heeft. Voor sommige mensen 'is het heelal gewoon daar' en gaat het gewoon door met gewoon daar te zijn. Wij mensen vinden onszelf daar in het midden van het geheel, gewoon. Deze kijk zal ons waarschijnlijk niet helpen om het heelal te begrijpen. Volgens de kijk van Penrose, zijn er vele diepe zaken gaande in het heelal, die we heden ten dage nog niet kunnen waarnemen. 20

De ideeŽn van Roger Penrose zijn inderdaad goede stof voor de gedachte. Zoals deze woorden suggereren, koesteren vele mensen foutieve gedachten dat het universum met zijn perfecte evenwicht, bestaat voor niets, zonder reden, en dat zij daarentegen in dit heelal leven voor een doelloos spel.

Hoe dan ook, het kan in geen geval beschouwd worden als 'gewoon' en 'normaal', dat een perfecte en wonderbaarlijke orde ontstaan is na de oerknal, welke wordt beschouwd door de wetenschappelijke wereld als oorzaak van de vorming van het universum, aangetoond met vele wetenschappelijke feiten en bewijzen.

Kortom, als we het glorieuze systeem van het heelal onderzoeken, zien we dat het bestaan van het heelal en zijn werking, berust op een extreem subtiel evenwicht en een orde die te complex is om uitgelegd te worden als toevallige gebeurtenissen. Het is duidelijk dat in geen geval het mogelijk is dat dit subtiele evenwicht en deze orde uit zichzelf is ontstaan en per toeval na een grote explosie. De vorming van zo'n orde, na een explosie zoals de Big Bang, kan alleen maar mogelijk zijn als resultaat van een bovennatuurlijke schepping.

"Degene Die de hemel heeft geschapen in lagen. Jij ziet in de schepping van de Erbarmer geen onevenwichtigheid. Kijk dan nog een keer, zie jij een afwijking? Kijk dan nog eens twee maal, jij zult jouw ogen nederig neerslaan, terwijl zij vermoeid zijn." 21

Dit niet te evenaren ontwerp en orde in het universum bewijst zeker het bestaan van een Schepper met onbegrensde Kennis, Macht en Wijsheid, Die materie gecreŽerd heeft uit het niets en die alles onophoudelijk controleert en bestuurd. Deze Schepper is God, Allah, de Heer der hemelen, de aarde en alles wat ertussen is.

Al deze feiten laten ons ook zien hoe de beweringen van de materialistische filosofie, welke simpelweg een dogma is uit de 19de eeuw, ongeldig worden verklaard door de wetenschap van de 20ste eeuw.

Door het bekend worden van deze grote orde, ontwerp en evenwicht, die aanwezig zijn in het heelal, heeft de moderne wetenschap het bestaan bewezen van een Schepper Die alles heeft gecreŽerd en alles beheerst: dat is Allah (Glorieus en Verheven en is Hij).

Het materialisme heeft voor enkele eeuwen veel invloed gehad op een groot aantal mensen en het heeft zich verborgen gehouden achter het masker van de 'wetenschap'. Het materialisme heeft een grote fout gemaakt door alles te veroordelen (ontkennen) wat niet bestond (zichtbaar, tastbaar), behalve materie. Hierdoor heeft het materialisme het bestaan van God, Die alles gecreŽerd en geordend heeft uit het niets, ontkend. Er komt een dag dat materialisme herinnerd zal worden als een primitief en bijgelovig geloof, verstoken van zowel redelijkheid, logica en wetenschap.

 
   
    

4. George Politzer, “Principes Fondamentaux de Philosophie, Editions Sociales, Paris, 1954, p.84
5. Soerat As Sadjdah (32), aayah 4.
6. Soerat Al-Anbiyaa (21), aayah 104.
7. Soerat Al-Anbiyaa (21), aayah 30.
8. Soerat Ad-Dzaariyaat (51), aayah 47.
9. Recounted in Jaki, S. (1980) “Cosmos and Creator”, Regnery Gateway, Chicago.
10. Stephen Hawkin, “A Brief History of Time: A Reader‚Äôs Companion”, edited by Gene Stone, 1983, p.63
11. Henry Margenau and Roy Abraham Varghese, eds., “Cosmos, Bios, Theos”, La Salle, IL: Open Court Publishing, 1992, p. 241
12. Hugh Ross, Ph.D., “The Creator and the Cosmos”, Navpress, 1995, p. 76
13. W.R. Bird, “The Origin of Species Revisited”, Nashville: Thomas Nelson, 1991; originally published by Philosophical Library in 1987, p. 462
14. W.R. Bird, “The Origin of Species Revisited”, Nashville: Thomas Nelson, 1991; originally published by Philosophical Library in 1987, pp. 405-406
15. Stephen W. Hawking, “A Brief History of Time”, Bantam Books, April, 1988, p. 121.
16. Paul Davies, “God and the New Physics”, New York: Simon & Schuster, 1983, p. 189
17. Hugh Ross, “The Fingerprint of God”, 2nd. Ed., Orange, CA: Promise Publishing Co., 1991, pp. 114-115
18. A Dorling Kindersley Book - “The Science”, published in the United States by Dorling Kindersley Inc., p. 24
19. Soerat Al-An'aam (6), aayah 73.
20. Stephen Hawking, “A Brief History of Time: A Reader‚Äôs Companion”, edited by Gene Stone, 1993, p. 142
21. Soerat Al-Moelk (67), aayah 3-4.

 



Home | Boeken | Video's | Artikelen | Audio boeken | Contact | Word lid | Email een vriend deze pagina

Alle materiaal op deze site mag gratis gecopieerd, geprint en verspreid worden. info@harunyahya.com
2004 Harun Yahya International